Andere
goden
Hades 
God van de onderwereld.
Hades is de broer van
Zeus, Poseidon
en
Hera.
Na de verdeling door
Zeus werd de onderwereld zijn rijk en werd hij de 3e wereldheerser.
Verscheidene demonen en geesten zijn in zijn dienst, zoals
Charon de veerman die met zijn bootje
de zielen van de overledenen de rivier de Styx overzet tegen betaling
van een obool (geldstuk).
Cerberus
was de hond met 3 koppen en bewaakte de ingang naar de Onderwereld.
Hades hield van de mooie
Persefone,
dochter van Demeter, en ontvoerde haar.
Van de helden daalden
Herakles,
Orpheus en
Odysseus in de
onderwereld af, terwijl zij nog leefden.
Dionysus 
God van de wijn en de vreugde.
De zoon van
Semele, een van de
dochters van Kadmus de koning van Thebe, en
Zeus
.
Hij liet de
mensen even ontsnappen aan de gevestigde orde door wijn en dans. Het
gevolg van Dionysos bestond uit
Nymfen
(bevallige meisjes, die reidansen uitvoerden en vrolijke, lustige
liederen zongen),
Silenen (half
man, half paard, die de nymfen achterna zaten en met hen vrijden in
grotten),
Saters (eveneens
natuurdemonen) en
Maenaden of
Bacchanten.
Zij droegen lange
gewaden en dierenvellen en soms een kroon van wijnranken. Ze staan
bekend als gestoorde vrouwen die wilde dansen uitvoeren en toegeven aan
grof geweld, seks, drank en verminking. Alles in een roes van vreugde!
De mythe van
Ariadne die door
Theseus
achtergelaten werd op Naxos na zijn terugkeer uit Kreta, is nauw met
Dionysus verbonden: Dionysus zou haar daar hebben gehouden en haar tot
zijn vrouw gemaakt hebben. Hij kreeg met haar 3 zonen: Thoantas, Oinopionas, Staphylos.
(Afbeelding op vaas: Ariadne omhelsd door Dionysus)
Asclepius
God van de geneeskunst.
Hij was de zoon van Apollo en Coronis en groeide op in de
buurt van de Centaur Chiron, die hem onderwees in de geneeskunst.
Asclepius bleek echter zo getalenteerd, dat hij in staat was doden tot
leven te wekken, een bekwaamheid die hij meerdere malen zou hebben
toegepast.
Wanneer je in een droom een slang zag, was je genezen (zie ook de
Asclepiuscultus in
Epidaurus).
Zodoende wordt Asclepius meestal afgebeeld met een staf waar een slang
omheen kronkelt, de asclepiusstaf of
esculaap.
Het is al sinds eeuwen het symbool voor artsen.
Zijn echtgenote was
Epione
en gaf hem 2 zonen (
Podaliris
en
Machaon)
en 5 dochters waaronder de bekendste
Hygiea
is, de personificatie van geestelijke en lichamelijke gezondheid.
De geneeskunst van Asclepius wordt voortgezet door de bekende arts
Hippocrates*.
(zie ook
Kos)
*Hippocrates
maakte ook een plechtige artseneed, die
‘de eed van Hyppocrates’ wordt genoemd. De eed
wordt in heel wat landen gebruikt, onder andere in Nederland.
Helios 
God van het licht.
Is de oudste van alle Olympische goden, zoon van de Titaan Hyperion en
de Titanida Theia, een afstammeling van Ouranos en Gaea.
Wordt afgebeeld als een knappe man met goudkleurig haar, omkranst door
gouden stralen. Hij rijdt op zijn stralende zonnewagen, die getrokken
wordt door vurige paarden met duizelingwekkende snelheid. Hij rijdt hij
door de hemel en brengt de mensen licht.
's Morgens stijgt hij in het oosten op uit de oceaan (
Oceanus), de
wereldzee. Na een tocht langs de hemel daalt hij 's avonds weer in het
westen neer in de oceaan.
Iris 
Boodschapster van de goden.
Is een dochter van de zeegod Thaumas en oceanide Electra.
Zij is de
personificatie van de regenboog met haar kleuren, een gevleugelde
godheid, gekleed in een wapperend gewaad en is evenals
Hermus als
boodschapper in dienst van Zeus en Hera. (Later was zij de dienares van
Hera alleen).
Zij snelt Iris van het ene uiteinde der wereld naar het andere, ja zelfs
tot op de diepste bodem van de zee en tot in de diepte van de onderwereld, om
de bevelen van de goden ten uitvoer te brengen.
Pan

God van het woud en herdersleven.
Wordt als een zoon van
Hermus
beschouwd. Hij wordt afgebeeld als een demon, half man, half bok, met
een gerimpeld gelaat, een puntkin, een baard en horens en een zwaar
behaard lichaam en geile oogjes. Met een aktief seksleven, altijd
bereid tot een avontuurtje met bosnymfen en herdersjongens.
De panfluit is naar hem vernoemd. Deze kreeg hij toen hij de nymf
Syrinx achterna zat.
Zij wou graag maagd blijven en bad tot de goden. Haar gebed werd
verhoord en ze veranderde net op tijd in een rietstengel. Daar maakte
Pan toen zijn fluit van.
Zijn afschrikwekkende uiterlijk vervulde de mensen met angst: dat is de
verklaring van het woord "paniek".
Sinds de Middeleeuwen werd zijn
uiterlijk overgenomen om de duivel af te beelden.
(Pan probeert de naakte Aphrodite te omhelzen. 100 v.C.
Athene, Nationaal Archeologisch Museum)
Eros 
Zoon van Aphrodite en Ares.
De Oude Grieken beschouwde hem als de mooiste god, omdat hij bij de
mens de mooiste gevoelens deed ontstaan.
Afgebeeld als een naakte jongen met gouden vleugels aan zijn schouders,
een krullebol en met zijn boog waarmee hij magische pijlen afschoot.
Priapus 
Een vruchtbaarheidsgod.
Zijn
verschijning lijkt op die van Pan, sommigen zeggen dat hij een zoon van
Dionysos en de nymf
Chione was. (of
van
Aphrodite?)
Hij
was een een vruchtbaarheidsgod van de dierenwereld, maar ook van de
plantenwereld en de vleselijke liefde. Zijn onevenredig grote penis was
een persoonlijking van het mannelijk lid als brenger en schepper van
leven. Hij bood ook bescherming tegen het boze oog door te dreigen
kwaaddoeners te penetreren met zijn enorme penis.
Hij werd
oorspronkelijk slechts plaatselijk vereerd in Klein-Azië
(Lampsacus) maar later breidde zijn cultus zich uit over de hele
Griekse en Romeinse wereld. Roodgeverfde houten Priapus-beelden met een
enorme stijve penis
(vruchtbaarheidssymbool) stonden in boom- en wijngaarden, niet alleen
ter verering maar ook als vogelverschrikker en afschrikker van dieven.
Themis 
Godin van de rechtspraak.
Zij was de dochter van Ouranos en Gaea, zuster van Kronus, Oceanos en
de andere Titanen. Zij zorgde voor de goede orde onder de mensen en de
goden en beschermde de minder bedeelden en de zwakken. Zij had een
voorspellend vermogen en voordat zij het aan Apollo overdroeg , was het
orakel van Delphi van haar.
Dochters van haar en Zeus waren de 3
Horen
(godheden van de seizoenen)
Bron: Griekse Mythologie, Sofia Souli
